Tien aanbevelingen voor Liften

prEN 81-80
Regels voor het verhogen van het veiligheidsniveau van bestaande personen- en goederenliften.

Wat is de prEN 81-80?
De prEN 81-80 is een Europese ontwerpnorm welke beoogt om het veiligheidsniveau van bestaande liften op het huidige niveau te brengen, zoals dat in de Europese Richtlijn 95/16 EG (de liftenrichtlijn) is vastgelegd.

Omdat deze norm van toepassing is op bestaande liften zal deze niet geharmoniseerd worden, maar eerder een referentiekader vormen. Voor de toepassing in België verwijzen we naar het Koninklijk Besluit van 09.03.2003 dat de uitbating en de veiligheid van reeds geïnstalleerde liften regelt.

Wat is het toepassingsgebied van de prEN 81-80?
De prEN 81-80 is van toepassing op bestaande personenliften en personen-goederenliften, welke voor het in werking treden van de Europese Richtlijn 95/16/EG zijn gebouwd.

Wat is het doel van de prEN 81-80?
De prEN 81-80 beoogt de veiligheid van de liftinstallatie te verhogen voor:

  • gebruikers van personenliften en van personen-goederenliften;
  • onderhoud- en inspectiepersoneel;
  • personen in de omgeving van de lift;
  • overige geautoriseerde personen.

 

Hoe wordt het doel bereikt?
Het doel wordt bereikt door een stapsgewijze aanpassing van de installatie.

Waarom is de prEN 81-80 noodzakelijk?
De prEN 81-80 is noodzakelijk voor:

  • ondersteuning van de 10 Europese aanbevelingen 95/216/EG;
  • het bereiken van een veiligheidsniveau overeenkomstig de huidige maatstaven;
  • het samenvoegen van de veiligheidsvoorschriften volgens de EN 81-1/2 en de 10 aanbevelingen 95/216/EG;
  • het bewerkstelligen van een uniforme aanpak tussen de lidstaten;
  • het verkleinen van het veiligheidsniveau tussen oude liften en nieuwe liften;
  • het terugdringen van het aantal ongevallen;
  • een gelijkwaardig veiligheidsniveau voor alle liften (oud en nieuw) in heel Europa.

 

Wat zijn de 10 aanbevelingen 95/216/EG?

  1. De liftkooi voorzien van een kooiafsluiting en een standaanwijzing.
  2. De draagkabels regelmatig controleren. (Dit gebeurt in België tijdens elke periodieke keuring).
  3. Stopverschillen minimaliseren.
  4. Bedieningsknoppen in de kooi en bij de schachttoegang bruikbaar maken voor lichamelijk en visueel gehandicapten.
  5. Automatische deuren voorzien van detectoren om klemming te voorkomen.
  6. Aanbrengen van een vanginrichting bij een snelheid groter dan 0,6 m/sec.
  7. Het aanbrengen van een alarmsysteem met een permanente verbinding.
  8. Vervangen van asbesthoudende remvoeringen door asbestvrije remvoeringen.
  9. Een beveiliging aanbrengen tegen een ongecontroleerde opwaartse beweging van de liftkooi.
  10. De liftkooi voorzien van een noodverlichting.

 

Wie is verantwoordelijk?
De eigenaar van de liftinstallatie is verantwoordelijk voor het veiligheidsniveau van de installatie.

Wat zijn de voordelen van het verhogen van het veiligheidsniveau voor de eigenaar?

  • een hoger veiligheidsniveau;
  • beter rijdcomfort, geluidsniveau, energiegebruik, etc.;
  • een tevreden gebruiker;
  • opwaardering van het gebouw;
  • beperken van de aansprakelijkheid bij een ongeval;
  • en geen ongevallen.

 

Hoe is de aanpak van ThyssenKrupp Liften Ascenseurs?

  1. Selectie van de in aanmerking komende liften.
  2. Overleg met de eigenaar over de aanpak.
  3. Opstellen van een risico-analyse aan de hand van de veiligheidschecklist voor bestaande liften.
  4. Adviseren van de eigenaar.
  5. Opstellen van een prijsopgaaf met een (gefaseerd) plan van aanpak.